maandag 11 februari 2013

Meertjes in alle kleuren van de regenboog, zwaveldampen rond duivelspoelen en Mount Doom (4 of 4)

Roturoa had nog meer moois te bieden in twee prachtige parken met meertjes in alle kleuren van de regenboog: van felgeel en gifgroen tot turquoise en donkergrijze borrelende modderpoelen. Ook hier stonk het met enige regelmaat enorm naar rotte eieren, zodat Daan zijn zeepje soms hard nodig had.. Hier was ook een grote geiser, die – heel handig voor de toeristen – precies om half 11 keurig de lucht inspoot, met hulp van een pakje waspoeder...
Toen de geiser bij het Wai-O-Tapu park uitgespoten was zijn we eerst naar naar het Waimangu park gegaan om af te wijken van wat de horde aan andere toeristen deed. Met succes want het was daar heerlijk rustig.  


Frying Pan lake
Toch veel heter dan Pim dacht....




 
De inferno krater in Waimangu
 
 








We kwamen langs bizarre natuurfenomenen, stomende meren en kraters, kokende poeltjes, silicaterassen in wit, geel, roze en oranje en borrelende modderpoelen, van wel 80 graden. In het tweede deel van de middag zijn we terug naar Wai-O-Tapu gegaan om naar de beroemde champagnepoel te gaan. Intussen was het hier ook heerlijk rustig en het ene plaatje was nog mooier of vreemder dan het andere, zodat Ardy maar foto’s bleef maken.


Een lekker warm stoombadje voor Pim
 

 





 
 
Pim's oplossing als het te heet aan zijn voeten werd







Devil's bath met gele zwavel afzettingen









 
De volgende dag togen we naar de vulkanen die we al hadden zien liggen vanuit Roturoa: de Tongariro vulkaan, Mount Ruapehu en de Ngauruhoe vulkaan die we vooral kennen als Mount Doom uit de Lord-of-the-Rings-films. Hier wachtte ons onze volgende uitdaging: een dagtrekking langs deze vulkanen in Tongariro Nationaal Park, volgens de boekjes 1 van de mooiste wandeltochten van Nieuw-Zeeland. Het weer was niet top, maar leek mee te vallen met flinke bewolking maar was overwegend droog. Tongariro Nationaal Park ligt midden op het Noordereiland en is een enorm uitgestrekt, onherbergzaam gebied, met stekelige begroeiing waar de kale toppen van de vulkanen dreigend boven uitsteken. De hoogste van deze vulkanen (Mount Doom) zag eruit zoals een vulkaan eruit hoort te zien in schoolboekjes, steil omhoog met een prachtige kegel. 

Tongariro National Park
Toen we incheckten in onze bed & breakfast bleek het weer toch minder te worden als we gedacht hadden; de volgende dag zou het vooral erg hard gaan waaien, met wel winden van 100-120 km p/u op de bergtoppen... Omdat een deel van de wandeling over een smal pad op de kratermond met afgronden aan twee kanten liep, was het onverantwoord om de trekking te doen en moesten we dit helaas annuleren. We konden diezelfde middag nog wel een kortere wandeling maken naar een top vanwaar je een prachtig uitzicht op de toppen van Tongariro en Mount Doom had. Dit was gelukkig een hele mooie wandeling, die vooral Pim erg leuk vond, want het was vooral volop klauteren over rotsblokken. Ook hier hadden we soms al last van enorme windvlagen, waarbij je echt moeite moest doen om rechtop te blijven staan, zodat we in ieder geval wel snapten waarom onze tocht niet door kon gaan.





Voor een nog mooier uitzicht zijn we gaan klimmen op Mount Ruapehu
Mount "Doom"
Elk nadeel heeft zijn voordeel, zodat we nu nog wel een snelle tussenstop konden maken in Napier, een art-deco-stadje aan de zuidkust van het Noordereiland. Heel Napier is bij een enorme aardbeving in 1931 compleet verwoest en daarna geheel in art-deco-stijl herbouwd, met gebouwen in pasteltinten versierd met gestileerde motieven van planten en bloemen. Het weer was hier heerlijk, zodat we een lekkere middag aan het strand hebben doorgebracht en Daan en Pim zich hebben uitgeleefd in een kano.
 


 

 
De laatste drie dagen in Nieuw-Zeeland waren erg relaxed, aan de oostkust in Whakatane. Hier was een prachtig zandstrand met lekkere golven om in te spelen, een mooie afsluiting van een fantastische reis! Misschien wel onze beste vakantie tot op heden......

zondag 10 februari 2013

Hobbitland, een sterrenhemel van glimwormen onder de grond en spuitende geisers (3 of 4)

Na het prachtige Zuidereiland van Nieuw-Zeeland was het tijd voor het volkomen andere Noordereiland. Meteen nadat we geland waren in Auckland hadden we afgesproken om koffie te drinken met Marieke, Boudewijn en de kleine Ella. Marieke is een oud-collega van Ardy, die al enkele jaren in Afrika wonen. Boudewijn’s ouders wonen in Nieuw-Zeeland, zodat zij daar waren om kerst te vieren. Erg leuk om elkaar weer te zien, zo ver van huis! Auckland was een aardige stad (eigenlijk de enige echte stad die we hebben gezien in Nieuw-Zeeland), maar daarvoor waren we niet naar Nieuw-Zeeland gekomen.

Gezellig weerzien in Auckland














Na een nachtje slapen vertrokken we daarom naar onze volgende bestemming: Waitomo Caves, in het westen. De omgeving van Waitomo Caves was Hobbitland pur-sang; in elke heuvel zou je zo een hobbitwoning kunnen bouwen. Daan en Pim snapten dan ook niet dat niet iedere schapenhouder in zo’n heuvel een Hobbitvakantiewoning zou bouwen, dat zou toch echt goed moeten lopen!
 
 

Het liefelijke landschap van in de omgeving van Waitomo
 
Het landschap was prachtig, maar we gingen vooral naar Waitomo Caves voor wat er onder de grond te zien was: duizenden glimwormen in enorme grotten en gangen, die waren uitgesleten door riviertjes in deze kalksteenheuvels. Je kon deze glimwormen bekijken vanuit een bootje, waar veel leuker (en spannender) was het natuurlijk om dit te doen met blackwater rafting: in een wetsuit met een helm op je kop en een zwarte rubberband om in te drijven...
Klaar om af te dalen....
Het hele dorpje Waitomo Caves bestond uit enkele bed & breakfasts en wel vijf verschillende organisaties die tours naar de glimwormen organiseerden. Na wat zoeken vonden we er 1 waar ook Pim (met zijn leeftijd en gewicht, want het scheen ijskoud te zijn..), mee mocht. De avond vantevoren bekeek ik uitgebreid het foldermateriaal en alle recensies die ik kon vinden; een goede voorbereiding is het halve werk! Hoewel ik daardoor toch wat nerveus werd van acties als ‘achteruit springen van een waterval van 2 meter’... Maar ja, met twee jongens moet je wel vaker over je grenzen heen, dus de volgende morgen stonden we helemaal klaar in onze strakke zwarte pakken met mijnwerkershelmen. Met een busje werden we naar de ingang van de grot gereden en liepen we via trappen steeds verder het donker in. Het parcours was niet moeilijk, overal hingen touwen als het water dieper werd en de gidsen waren heel aardig, maar maakten er natuurlijk wel een show van met onverwachtse geluiden en spannende verhalen. De achterwaartse sprong van de waterval was wel even slikken, maar viel achteraf best mee, net als de loodrechte glijbaan naar beneden. Het allermooiste was toch wel toen we als een soort treintje, met onze voeten in de zwemband van onze voorganger gehaakt, door de gids in het water werden voortgetrokken. Iedereen deed zijn lampen uit en we bevonden ons onder een sterrenhemel van duizenden glimwormen, echt magisch. Toen onze gids ook nog met zijn diepe stem begon te zingen, was het echt kippenvel, en dan niet eens van de kou. Na anderhalf uur - maar toch veel te snel naar onze zin - kwamen we weer bij het einde van de grot, een onvergetelijke ervaring rijker.
 
De gloeiwormen hangend aan het dak van de grot

Het Noordereiland is vooral bekend om de vulkanische activiteiten in het midden van het eiland: rond Roturoa ligt het bezaaid met borrelende meertjes die zwaveldampen uitademen en spleten in de grond waar geisers uit spuiten. Dit was dus onze volgende bestemming. Ons hotel lag aan het grote meer van Roturoa waar de zwavellucht het hevigst was. Pim vond het wel lekker ruiken (vreemd?!), maar Daan vond het echt verschrikkelijk. Hij verliet daarom de hotelkamer alleen gewapend met een zeepje, dat hij onder zijn neus kon houden als het te erg werd... ’s Middags konden we alvast 1 van de vulkanische parken bezoeken, waar een enorme geiser spoot. Het was wel even wachten voordat hij echt begon, maar toen was het wel een echt spectakel!
Voor de Pohutu geiser in het Te Puia park
Te Whakarewarewatangaoteopetauaawahiao, ofwel in het kort Whakarewarewa of eventueel Whaka: 
The gathering place for the war parties of Wahiao

Kokende en spetterende modderpoelen in Te Puia

  
Deze plek was ook een van de eerste plekken die door de Maori werd bewoond, omdat ze hier zo handig hun eten konden koken: je hing je piepers gewoon even boven de stoom en je was klaar... In het park was een groot deel gewijd aan de cultuur van de Maori, met een nagebouwd gemeenschapshuis en een werkplaats waar sieraden en houtsnijwerk werden gemaakt. ’s Avonds in het hotel was er een diner met een Maori-show, waarbij de Haka natuurlijk niet mocht ontbreken, een soort oorlogsdans die er zo angstaanjagend uitziet, dat er soms niet eens gevochten hoefde te worden omdat de tegenstanders al op de vlucht waren geslagen... Nu wordt de Haka vooral uitgevoerd voor rugby-wedstrijden, met soms hetzelfde effect. 
 
 
 

 
De Haka
 



Lady Knox geiser